SOLO ACTUEEL

SOLO ACTUEEL

ACTUEEL

Columns, actualiteiten, rariteiten en markante feiten...

Dunne draad

ActualiteitenPosted by Von Solo Mon, December 10, 2018 21:13



Het was een zaterdagavond in de herfst van 1989. In konvooi reden we naar de stad, waar we uit zouden gaan. Het fietspad langs het spoor was schaars verlicht en goeddeels kaarsrecht. Op twee bochten na. Eén halverwege, daar stond een boom waar het fietspad omheen moest en één aan het begin. Daar zat een vertakking in het pad. We reden de route zo vaak, dat we het blind ook zouden kunnen. Maar ik reed die avond niet. Mijn brommer was stuk. Ik zat achterop de Yamaha DT van mijn beste vriend. Die was een stuk groter dan ik. We reden op kop. We kwamen de eerste bocht na de vertakking en de gashendels werden opengegooid voor de sprint naar de tweede bocht.

Na vijftig meter voelde ik mijn vriend tegen me aan vallen. Ineens accelereerde de wereld omgekeerd. De brommer werd onder ons vandaan getrokken door een onzichtbare hand. Met een smak kwam ik op het asfalt terecht. Alles te snel om na te denken. Al schuivend zag ik de lichten achter ons uitwijken en alles tot stilstand komen. Ik krabbelde overeind en zag dat mijn vriend dat ook deed. Op wat schrik, kleerscheuren en schaafwonden na, mankeerden we niets op het eerste gezicht. Na een minuut was de oorzaak van onze val gevonden. Iemand had een losse ijzerdraad van een hekwerk dat langs het spoor stond, over het fietspad gespannen op een hoogte van pakweg één meter vijftig. Deze had mijn vriend op de borst gepakt en zodoende van de brommer gesleurd, met mij erbij. Als ik dus voorop had gezeten, was ik onthoofd geweest. Tien jongens in hun tienerjaren keken elkaar aan en zochten naar woorden.

Toen merkte iemand op dat hij een jongen uit Hansweert van het fietspad af richting het station had zien lopen, terwijl wij in tegengestelde richting passeerden. De beslissing was snel gemaakt en vierklauwens reden zes brommers met tien opgefokte jongens richting het station Kapelle-Biezelinge, alwaar we de genoemde jongen aantroffen en bij de kladden grepen. Ik zie nog de angst in zijn ogen. Het besef van een wandaad. De kwaadheid en de tirade die hem ten deel viel. Zijn smekende bekentenis. En de conclusie dat de werkelijke daders, zijn vrienden, doorgelopen waren het pad op richting Goes. Verder werd hem niets aangedaan. De daders werden die avond niet meer gevonden. Dat zou de politie later oplossen. Wat schadevergoeding en een lullig taafstrafje.

De daders is het toentertijd vergeven geweest. Er is nooit iemand meer voor neergestoken geweest, nooit iemand afgetuigd of neergeschoten. Bloedwraak was niet nodig. Bier kregen we wel bij gelegenheid. En vriendschap zoals zich zo makkelijk tussen jonge mensen vormt als iets ze bindt. Mijn beste vriend zag ik steeds minder. Hij had natuurlijk ook een vriendinnetje en was altijd het serieuze type geweest. Veel volwassener dan wij. Pas jaren later hoorde ik van hem dat hij een tijdlang zeer aangeslagen was geweest, door dat incident. Op die leeftijd kon ik me daar niets bij voorstellen. Dood konden we toen toch nog niet. Maar sommige mensen zien sommige dingen vroeger dan anderen.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post34

Afdankertjes

ActualiteitenPosted by Von Solo Mon, December 10, 2018 21:04



Op het schoolplein van de kinderen zie ik ze soms. Zo in de verf gezet, dat het lijkt of het net niet opvalt. Billen die net een broekmaat te groot zijn. Wel hakjes erbij. Wapperende handjes, luchtkusjes en hip. De geur van yoga en ZZP-succes wervelt als een cycloon om ze heen. Zo creatief. Ze mogen ervan zichzelf zijn. En soort zoekt soort. Het vormt een kliekje waar graag bijgehoord wordt. Ze hebben nooit een man bij. Navraag leert ook dat die verdwenen is. Niet verder vragen. Mannen dwarrelen er echter zat omheen. Maar die zijn gelukkig getrouwd met een midlife crisis of het zijn gescheiden exemplaren. Beiden heb je er weinig aan. Het zijn als darren in de bijenwereld. Hun geslachtsorgaan verliest zijn functie na de paring.

En paren doen die vrouwtjes nog wel, sporadisch. Omdat de opiniebladen en de media ze vertellen dat dat hoort, ook al is de alimentatie al binnen voor het resterend anderhalf decennium. Of gewoon omdat ze à la Heleen van Rooijen ‘geil en stout’ zijn. Maar dat is meer een imago dingetje. Het geeft ze namelijk die schwung die nog begeerlijk voelt. En die heb je nodig om de darren om je heen te laten bewegen, die voor de extraatjes zorgen en je sociaal aanzien geven. Ook bij de vrouwen. En gespreksstof in de wijnbar. Alles het einde van de veertigjarige stuiptrekking van het nooit volwassen hebben willen spelen tot de overgang. De ontkenning van levensfase tot levensfase. Als tiener te volwassen willen. Als twintiger te speels spelen. Als dertiger de veertigste wijsheid veinzen en dan scheiden. En als veertiger de eindelijk verstandige volwassen jeugd spelen terwijl het stilletjes in de schoot allemaal verschrompelt. Dan is het klaar. Want wat volgt was onmogelijk voor te stellen en valt niet meer om te acteren.

Toch worden ze nu nog net op regelmatige basis geneukt. En wel door mijn vriend Herman. Hij stuurt me soms tietenselfies en onhandige foto’s van zichzelf bevingerende afdankertjes. Die heeft hij dan van hen gehad in aanloop tot stomende schemeravonturen en stuurt hij om me jaloers te maken. Hij fladdert wat heen en weer. Gisteren vroeg ik hem of hij het ook weleens met getrouwde vrouwen deed. Hij antwoordde dat zeker de helft getrouwd was. Toen ik hem vroeg of die vrouwen dan met hem sliepen om hun huwelijkse twijfels in beton te gieten, beaamde hij dat. Daarna volgde altijd een scheiding. De beste beslissing in hun leven. Hij verdween dan weer. En dook in het volgende stadium van een ander afdankertje op, de happy single periode. En op die manier bedienen in Rotterdam ongeveer honderd viriele mannen de tienduizend blanke succesvolle vrouwen tellende afdankertjesmarkt. Zij zijn de anonieme piemels, die zorgen voor het kloppende plaatje. Zij zijn de stof voor de Viva verhalen. En op hun beurt zijn ook zij weer afdankertjes. Zo houdt het systeem zichzelf in stand.

Een paar weken geleden zag ik op zaterdagochtend een vrouw fietsen waar ik sporadisch heimelijk naar loer op school. Stevige billen, vaak in een leren rokje of dito broek. Ze haastte zich op de fiets met haar kinderen naar de zaterdagse clubjes. Ze zag er gestressd uit. Toen ze voorbij was sprak ik hardop in mezelf: ‘Ook zo één waar dus niet mee samen te leven viel.’ Bij die woorden kreeg ik het koud. Misschien veronderstel ik te veel. Misschien zegt het meer over mijn angsten dan over de levens van anderen. Dat het de spiegel van de zwarte plekken op mijn ziel is. Ik wil niet afgedankt worden. Maar blijf liever voor altijd samen met degenen van wie ik houd. En wil vooral niet worden zoals zij allemaal.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post33

Onmachtig

ActualiteitenPosted by Von Solo Mon, December 10, 2018 20:59

Mevrouw Solo meldde hedenochtend dat ze met een vriendin naar Jett Rebel gaat in januari. Een pedante aansteller. Een mentaal instabiel, millenniaal tieneridiool. Echt een typetje voor De Wereld Draait Door en Lowlands. Het zou me niets verbazen als hij nog dichter is ook. Dat was een greep uit de gedachten die deze mededeling opriep. Mijn verstand fluisterde op de achtergrond nog dat hij, naar schijnt, ook nog eens een zeer begiftigd muzikant blijkt te zijn naast dat alles. Op zo’n moment kan ik niet blij zijn voor mevrouw Solo. Ik speel dat dan wel.

Een vriendin melde me onlangs dat ze haar zaterdagavond had doorgebracht op een poëzie evenement. Het was een heel leuke avond geweest. Veel dichters die ik van naam als wel persoonlijk ken. Dichters die bij mij in achting staan als wel dichters die ik niet hoog heb zitten. Maar allemaal waren ze leuk geweest. De sfeer was goed. Het was gezellig. De dichters die ik waardeer hadden sterke teksten. Ik berichtte haar dat ik jaloers was. Het vreemde was nochtans dat ik er niet bij had willen zijn. Als die mensen. Al dat gedoe. Dan liever thuis op de bank en op tijd naar bed.

In beide bovengenoemde gevallen voel ik een weergaloze jaloezie branden. Maar waarom? Ik ben niet jaloers dat ik niet naar Jett Rebel mag, of een poëzieavond aan me voorbij laat gaan. Ik ben ook niet jaloers dat mevrouw Solo of genoemde vriendin het naar hun zin hebben. Dat lijkt in opzet wel zo. Maar het is erger. Vergelijk het met het gevoel van jaloezie dat je lief met een ander naar bed gaat. Is het dan haar genot of positie waar ik jaloers op ben? Ben ik jaloers op het genot van een andere man? Op beide vragen is het antwoord nee.

Het is het gevoel niet degene te kunnen zijn waar de wereld om draait. Het is de realisatie dat je als mens niet al omvattend bent, niet het centrum bent van het universum. Dat er anderen zijn die wel de dingen doen, die jij ook wel had willen doen. Onbeperkt liefhebben, een goed gedicht schrijven, noem maar op. Maar dat kan dat niet. Want je bent er niet. Je bent maar een kleine flits in een oneindige ruimte. Het is de angst voor de onmacht, die de vorm aanneemt van een ongegronde jaloezie. Je maakt jezelf belachelijk voor een publiek van wederom enkel jezelf. Niemand die kijkt.

Toen ik zestien was, had ik een hekel aan iedereen die naar Lenny Kravitz luisterde. Niet omdat ik het de luisteraars niet gunde. Niet vanwege zijn muziek, zijn geld of Vanessa Paradis. Maar om het feit dat hij (overigens net als Jett Rebel en al die succesvolle dichters) wel de verzekering had. De verzekering die verlossing heet. Dat wat alles als een zwart gat naar zich toetrekt en verzwelgt. En de laatste toeschouwer in de zaal achter laat, ver weg en alleen achter zijn telescoop. In stilte, tot er geen ster meer te zien is.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post32

Fragment

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, November 01, 2018 12:46


Laatst sprak ik een man die regelmatig vrouwen tot seks dwingt. Hij acht dat zijn recht. Als hij een date heeft, dan is het logische gevolg dat ze in bed belanden. Als hij een vrouw een geschenkje geeft, dan verwacht hij daar iets voor terug. En dat iets betreft seks. Seks is voor hem het enige dat waarde geeft aan zijn bestaan. Als hij seks heeft gehad tegen de wil van de vrouw, dan maakt dat niet uit. Hij vindt dat volkomen gerechtvaardigd, gezien binnen de context van zijn leven een wetmatigheid is. Seks besluit de transactie. Een goed gesprek of een blijkgeven van tederheid is niet van belang. Een relatie al helemaal niet. Het gaat om de seks. En vooral de kwantiteit. Ontbreekt seks, dan is er iets mis. Seks is het rendement op de investering die hij in vrouwen doet. Zonder seks klopt het sommetje niet. Mensen die ik dit vertel reageren vaak met verbazing en afschuw. Ze zijn helemaal verbaasd als ik ze vertel dat ik het wel snap. Om me heen gebeurt het namelijk ook constant. Zonder dat iemand het door lijkt te hebben. Het heet dan een ‘business case’ of een bedrijfsplan. Het heeft maar één doel. Een afgebakend, positief financieel resultaat. Er kan nog zoveel moois aan te pas komen. Duurzaamheid, sociaal, een betere wereld, een toekomst, maar als onder de streep er geen sprake is van winst uitgedrukt in euro’s, dan snapt niemand het meer. Dan houdt het gesprek op. Dan houdt alles op. Het enige dat dan helpt is net zo lang prakkiseren tot je toch tot een ‘positieve business case’ komt. Dan is alles in orde. Dan klopt het sommetje. En is het enige dat dan nog telt het volgende sommetje. Allemaal losse sommetjes. Zoveel mogelijk. We leven in een perverse maatschappij, waar alles draait om financieel gewin. Veel snel geld. En zo weinig mogelijk verbanden. Als een netwerk van one-night stands. Een continue stroom Tinder transacties. Alles is instrumenteel aan dit principe. Alles staat los van elkaar, zodat de resultaten duidelijk en altijd positief te rekenen zijn. Honderd keer seks. Goed gescoord!!! En al die getraumatiseerde vrouwen? Nou niet lopen zeuren hè. Het gaat om het resultaat! Weer een ton bespaard op de personeelskosten!!! Top gozert!!! Wat? Ziekenhuis failliet? Van alles meer dan kerken, zei mijn vader altijd al. We leven in een tijd waar bookmakers de dienst uitmaken. En waar boekhouders de uitvoerende macht zijn. Ons blind maken door ons te becijferen en fragmenteren. Elke maand sluiten ze de boeken. Elk kwartaal sluiten ze de boeken. Elk jaar sluiten ze de boeken. Elke dag. En laten de wereld weer opnieuw beginnen vanaf nul. God is enkel winst. Het is de gekte die de vos het kippenkot doet uitmoorden.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post31

Zorgeloos

ActualiteitenPosted by Von Solo Tue, October 16, 2018 20:32

Afgelopen week zat ik ergens met een kopje koffie voor mijn neus en een pen in mijn hand. Voor me een leeg blad dat ik vulde met mijn gevoelens. Toen het blad vol was, bekeek ik mijn pen. Een Waterman vulpen die ik heb gekregen van een stel dat ik in Toscane in de echt verbonden had. Hij schrijft lekker. Tevreden met mijn schrijfsels en mijn pen stapte ik op de fiets. Het leven is tegenwoordig overwegend een aaneenschakeling van tevreden momenten. Geen verfilmbare pieken misschien, maar ook geen psychiatrische dalen. Zorgeloos. In gedachten lette ik even niet op en werd bijna geschept door een auto van links die geen voorrang verleende. Tijdig trapte ik op mijn rem en er was niets aan de hand. En ineens moest ik aan mijn zoontje denken. Dat is een klein wildemannetje dat soms zijn omgeving helemaal vergeet, als hij opgaat in zijn gedreven bezigheden. Mijn zorg is dat hij door zijn onoplettendheid zichzelf nog eens letsel of verdriet bezorgt. En ineens zag ik mezelf terug.

Toen ik op de lagere school zat, kreeg ik van mijn ouders een doos met schrijfspullen. Enveloppen, briefpapier en een pen. Een ranke balpen. Lichtgroen met chroom. Dat waren de schrijfspullen die mijn vader gebruikte om brieven naar mijn moeder te schrijven in de tijd dat hij in den verre verkeerde. Spullen met een verhaal. In die tijd had zich op mijn lagere school een weelderige ruilhandel in kantoorartikelen, knikkers en aanverwant klein speelgoed ontwikkeld. Dat ging van kwaad tot erger. Net als op de aandelenmarkt werd het steeds gekker. Op een goede dag ruilde ik een volle etui met pennen voor twee oude muntjes uit 1905. In de bibliotheek zocht ik in het muntenboek de waarde na. Dat bleek bijkans driehonderd gulden te zijn. Ik had financieel een gigantische slag geslagen. Blij zoals een kind dat kan zijn.

De eerste golf van geluk rolde terug de zee in. Een paar dagen daarna wilde ik wat schrijven. In de schrijfdoos was echter de pen waarmee mijn vader zijn brieven schreef verdwenen. Na wat rommelen in laatjes drong het langzaam tot me door dat de pen misschien wel per ongeluk in de geruilde etui beland had kunnen zijn. Tegelijk met dat besef spoelde er iets over me heen dat ik nog nooit eerder zo had gevoeld. Een gevoel van verlies. Schuld. Dat ik iets had gedaan in een bui van onachtzaamheid en daarmee iets had kwijtgespeeld dat niet van mij was. En niet te vervangen was. Die avond kon ik de slaap niet vatten en lag huilend in bed. Mijn moeder trachtte me te troosten en zei me dat we de volgende dag wel zouden kijken of we de pen nog terug konden krijgen. Maar ik wist dat dat niet zou lukken. Hij zou verdwenen blijven. Natuurlijk maakte het voor mijn ouders niets uit. Maar ik was iets verloren, voorgoed.

De schuld is intussen door de decennia gesleten. En toch, toen mijn vader laatst met een zak muntjes aan kwam van zolder en ik er feilloos de muntjes uit 1905 uit viste. Het herinnerde aan een moment. Het besef zorgeloosheid eindig is. En sommige daden, hoe onschuldig ook, gevoelens onomkeerbaar maken.






  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post30

Bil

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, September 27, 2018 19:49

‘Dood vlees.’

‘Ja, ik zie het.’

‘Maar kijk daar! Die heeft ’t dus wel, maar is zo netjes het te verbergen.’

‘Maar het is niet te verbergen, als ik je goed begrijp?’

‘Juist, je begint het te begrijpen.’

Deel 305. Bil

Twintig jaar daarvoor zaten we er ook zo bij. Maar dan op de West-Kruiskade. Saint Georges zei dan: ‘Check die bil!’. Dat deed ik dan en snapte niet exact wat er te checken viel, buiten wat een ronde vorm met een vrouw eraan. Dan wees ik een bilpartij die me beviel aan en die werd dan altijd afgekeurd met opmerkingen als: ‘Hangwangen’ of ‘Je snapt het echt niet hè?’. Saint Georges was de billenman en ik meer de borstenman. Maar borsten vertellen niet wat billen wel doen.

En zo zaten we daar. Twintig jaar later. Op de Boulevard de Rochechouart. Billen te checken. In twee uur tijd had ik me weten te ontpoppen tot een expert. Een score van honderd op honderd volgens de billenmeester. Als de bil in orde was had hij de ‘schwing’. Dat zou duiden op een dierlijke vaardigheid in het liefdesspel. Een aangeboren talent of een positieve ontwikkeling die duidde op een hoge mate van lichamelijke vrijheid, werd me gedoceerd door de meester. Wat opviel was dat veel donkere vrouwen leken te beschikken over de ‘schwing’. Aziatische vrouwen, en dan zeker Japanse toeristes, beschikten over geen enkel greintje ‘schwing’. Het was op een gegeven moment zelfs pijnlijk om aan te zien hoe verkrampt sommige vrouwen over straat hobbelden. Soms zag je dat de ‘schwing’ beteugeld was. Vaak waren dat donkere vrouwen die met kinderen en man over straat gingen. Daar ging een smeulend vuur achter de piëteit schuil. Maar al te vaak zag je ook dat het iets anders was.

En als je eenmaal ingewijd bent in de kunst van het billen checken, dan laat het je niet meer los. Die kleine blik kan dan een wereld zeggen over de persoon die je voor je hebt. Als ze met hun rug naar je toe staan. En wat dan opvalt is de ellende die je soms ziet. Vooral bij een grote schare blanke westerse vrouwen tussen de vijfentwintig en vijfenveertig. Stapt uit haar Mini Cooper, de borsten zitten goed, het hoofd zit goed in de verf, de kleding is goed, op de hakken die ze dragen zou het een spektakel moeten zijn, maar bij inspectie blijkt het dood vlees. Het merk van de kinderwagen belangrijker dan hoe je erachter loopt. Het mantelpakje of jurkje strak om de billen, maar conformistisch genoeg om gepaste eenheid uit te stralen. De bewegingen daarbinnen staccato. Vermoord door het keurslijf van de normen die de wereld aan hen stelt. Of erger, de doelbewuste keuze. De kilte van de gedachte aan zo iemand in bed doet me bibberen.

Twintig jaar geleden snapte ik, met de kennis die ik toen had, niets van billen. Nu begrijp ik dat er een wereld achter zit. Het vertelt zoveel meer over iemand, dan die persoon misschien zou willen prijsgeven. Waar de ogen de spiegel van de ziel zijn, zijn de billen de vensters van het lichaam. Hoe een pad des levens via curves loopt, of in scherpe hoeken. Hoe bekrompenheid zich laat vangen in een achterwerk. Maar ook hoe vrijheid en levenslust zich vertaalt in het trillen van vlees en wiegen van heupen.

En ja. Mijn lief check ik graag.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post29

Cowboy

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, September 27, 2018 19:47

Wat ziet een mens als hij een ander mens ziet? Wat zorgt ervoor dat de iemand over een drempel stapt en contact maakt? Hoe ziet de één de ander in relatie tot zichzelf en vice versa? Als in een film? Aan verschillende kanten van het zilveren scherm, dat de spiegel tussen werelden vormt.

Deel 304. Middag Cowboy

Afgelopen zaterdag was een dag die zeer naar mijn genoegen verliep. Fietsen, lekker wakker worden, krantje, gezin, klusjes. Dat wat een goed huisvader op zaterdag zo doet. Om halfvijf in de middag had ik ondertussen wel zin in een frisse pint. En wel specifiek een Duvel van de tap. Slechts één kroeg in Rotterdam serveert dat. Sijf op de Oude Binnenweg. Het terras zat ramvol. Toen ik mijn fiets na de laatste stadse boodschappenronde stalde, zag ik nog één lege barkruk aan een statafel net in de zon. Ik ging zitten, bestelde en een moment later kwam de dienster mijn schuimende en petillante verlangen brengen. Het bier was net iets kouder dan thuis. De bitterheid kwam goed tot zijn recht. Het glas was schoon en besloeg aan de buitenkant. De belletjes stegen gestaag op uit het centrum van de bodem van het glas. In de caféruit zag ik mezelf ontspannen onderuit zitten. Die buik viel wel mee. De glimlach rond mijn lippen vertelde me dat alles goed was. Perfect. Een moment, als sneeuw in de zon.

In mijn dode hoek was een personage opgedoken. Net dichtbij genoeg om de aanwezigheid op te merken. Net buiten mijn zichtlijn. Statisch, als een slecht geplaatste vluchtheuvel midden op de weg. In mijn gelukzaligheid schonk ik er geen aandacht aan. Maar de man bewoog zich naar binnen de periferie van mijn blikveld. Ik hield mijn Duvel omhoog en ving het licht van de zon dat de Binnenweg kliefde als een golf een ravijn. Schitterend. ‘Mooi, echt mooi’, hoorde ik naast me zeggen. Daar stond hij. De cowboy. Een man van mijn lengte. Cowboyhoed op, bijpassende laarzen, leren jack en gestileerde baard. Naar accent en oogopslag te oordelen Turkse achtergrond.

Ik zweeg even en hij opende: ‘Je ziet er echt gelukkig uit.’ Met een blik die van vriendelijk verschoof naar een spectrum van bittere ernst keek ik hem strak, maar open aan. Ik antwoordde hem, dat hij er erg gespannen uit zag en niet erg gelukkig. Ik deelde hem mede dat ik op café was gegaan om even in alle rust een biertje te nuttigen na een vruchtvolle dag, waarna ik naar huis zou gaan om te koken voor mijn gezin en niet in was voor een langdradig ellendig verhaal. Hij keek me beduusd aan. De blik van een verslagen man. Waar dan net dat kleine beetje uit drupt, dat je dan uit erbarmen doet zeggen: ‘Vertel.’ Mijn Duvel was de zandloper.

Hij was al twee weken op de dool van kroeg naar kroeg. Aan de zuip. Het was de liefde. Hij was verliefd op een getrouwde vrouw met kinderen uit Canada. En de liefde verscheurde hem. Op de vraag waar ze elkaar hadden leren kennen antwoordde hij ‘Facebook’. En hij had haar nog nooit in levenden lijve gezien. En dacht dat het door de tijd wel minder zou worden, maar dat bleek allerminst waar. Ik vertelde hem dat hij moest stoppen met zuipen en zijn geld opzij moest zetten om haar op te zoeken. Dan zou de toekomst de rest wel uitwijzen. Hij keek me beteuterd aan met waterige ogen. Vervolgens vertelde ik over mijn dag en hoe ik dan wel content was. Hij begon te snikken en de waterlanders kwamen. Een kort moment voelde ik de aandrang zijn arm aan te raken in bemoediging, maar mijn innerlijke rust weerhield me ervan. Ik zag het aan. Hij vertelde dat hij de afgelopen twee weken honderd flessen Jack Daniels op had. En dat hij twee dagen daarvoor in de gay bar twintig shots Jack had besteld en in een uur had opgezopen. Mijn bier was op en ik stond op van mijn kruk. Gaf hem een boks en vertelde hem na te denken over wat ik gezegd had. Hij keek me niet begrijpend aan. Ik draaide me om, liep naar de overkant van de straat, haalde mijn stalen ros van slot en gaf het de sporen. Onderweg moest ik lachen. Thuis vertelde ik dat ik een cowboy had ontmoet. Een trieste cowboy. Iets fluisterde: ‘Brokeback Mountain’.

De volgende dag liet ik mijn gedachten er nog eens over gaan. Waarom spreekt zo’n figuur mij aan. Mijn conclusie is droevig. De cowboy was zonder dat hij deed of hij het wist gay. De vrouw van zijn dromen was een spinsel of een leugen. Misschien was ze wel echt, maar hield hij zichzelf ermee voor de gek, door de liefde voor een vrouw onbereikbaar te maken. Hij zoop om zo diep mogelijk in de put te komen. Zo diep dat enkel een deus ex machina hem nog zou redden. Hem in de armen zou nemen en troosten. Een gelukkig iemand. Een andere man. Iets dat geheel tegen zijn opvoeding en cultuur in ging. Hij walgde van zichzelf, maar zou dan wel moeten toegeven. En zijn losgemaakte gevoelens zouden veilig zijn, ook al waren ze fout. Hij zou dan eindelijk aan zichzelf durven of moeten toegeven wat zijn ware aard was. Enkel een engel zou daarvoor goed genoeg zijn. Iets zo puur dat het de goedkeuring van god zou kunnen wegdragen. Of hij zag een onschuldig cherubijntje dat hij met een roofzuchtig lulpraatje er wel in zou kunnen laten tuinen. De zondaar. Maar zo werkt het niet. Niemand kan een engel voor een ander zijn. Soms moet je eenvoudigweg eerst aan de andere kant van de spiegel zijn geweest.

Al schrijvende moest ik nog denken aan een quote uit de film ‘The Crow’. Uit erbarmen voor de zoekenden, speciaal voor mijn Middag Cowboy: ‘Ya know, my daddy used to say every man's got a devil. And you can't rest 'til you find him... but if it's any consolation to you, you have put a smile on my face.’

https://youtu.be/9ipCKIxdHTs






  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post28

Prijs!!!

ActualiteitenPosted by Von Solo Fri, September 07, 2018 14:37
Von Solo wint de award voor beste performace op het dertiende BUT filmfestival!!!



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post27
Next »