SOLO ACTUEEL

Onder de trapActualiteiten

Posted by Von Solo Fri, April 06, 2018 08:42

Bij opa en oma woonden tijdens de tweede wereldoorlog Engelse vliegeniers onder de trap. Onder de trap bij de buren stond een radio verstopt waar Radio Oranje op geluisterd werd. Twintig jaar later kwam bij de buren onder die trap een televisie te staan, want televisie was door de kerk verboden. Zelfs Harry Potter woonde onder een trap. Schande! Een paar moslims hebben op de Hogeschool Rotterdam een loze ruimte onder een trap gekaapt om een gebedsruimte te maken. Ze hebben er zelfs een muurtje gebouwd om de mannen van de vrouwen te scheiden. Na de ontdekking is met deze ruimte korte metten gemaakt. De schuldigen zullen ter verantwoording worden geroepen. En terecht natuurlijk! Mannen en vrouwen scheiden? Hoe durven ze. Dat is toch barbaars. Dat doen wij blanke kolonialen op de korfbalvelden al jaren niet meer. Ik smul hiervan. Het leest als een spannend jongensboek. Achmed Pötter en de geheime kamer op halal Schweinstein. Het is een perfect staaltje urban exploration gevolgd door een minstens net zo effectief staaltje urban exploitation. Bravo! Alle lof. Creatief, gewaagd. Effectief en overtuigd. Allemaal woorden die mij zo invallen. En ik kan er nog meer verzinnen als het moet. Maar zo niet de Hogeschool Rotterdam. Nee, die salafisten moeten gewoon gebruik maken van de hen toegewezen ruimten. Die moeten gewoon in hun hokje geplaatst worden. Dat hokje dat de Hogeschool voor ze gemaakt heeft. Net als al die andere hokjes die instellingen in dit land voor iedereen maken. Maar oh wee als je zelf een hokje maakt. Dan zijn er gelukkig de wetten. Telkens meer en nieuwe wetten. Als je een hokje aan je huis wil maken, dan is er een wet die dat verbiedt. Daar moeten eerst de brave, saaie, trage bureaucraten een plasje over doen. Als je vervroegd tussen zes planken wil op een waardige manier, dan is daar een wet voor om dat weer wat onzekerder en mogelijk zonder goed gevolg te laten verlopen. En dan heb ik het nog niet eens over alle omgeschreven wetten van het zogenaamde CDA-fatsoen en de overige politieke correctheid. Snel weg dat schilderij met die blote foef. Iemand zou er weleens aanstoot aan kunnen nemen en spontaan zin krijgen. Snel weg met die dichter met zijn vieze versjes en snel weg met alles dat buiten de normale verdeling van de veilige volledige saaiheid valt. Als de wet het niet regelt, dan wel het fatsoen. Netflix, doe dat maar. Geen gekke dingen verder graag. En dat fatsoen en die wetten maken ons stiekem tot een volkje van brave nazi’s. Protesteren? Dat doen krakers. Krakers? Dat zijn allemaal werkelozen. Werkelozen? Die zijn te lui om te werken. En kunstenaars? Die hadden maar een vak moeten leren. Postbode of zo. Vluchtelingen? Die moet je helpen. Vooral in het land van herkomst, en onderwijl PVVVDFVDD en Leefbaar stemmen. Moslims onder een trap? Geradicaliseerde terroristen. Weg ermee!!! Yep, alles exact in de trant van wat de Sicherheidsdienst had gezegd als ze de vliegeniers of de radio gevonden hadden. We zijn verarmd en we durven niet meer. Alleen in Groningen en Friesland weet men nog collectief waarom geen sleepwet. Afwijkend gedrag is tegenwoordig gedegradeerd tot een diagnose. Een activist is direct een terrorist. Niet in het gelid denken is een overtreding. Niet in het gelid lopen een misdaad. En ik kan geen trap bouwen die tot de hemel rijkt, waar op een gegeven moment nog genoeg mensen onder passen. Maar heel soms, ga ik toch even onder de trap zitten. Alvast wennen aan een tijd die misschien nog eens komen gaat en dat ik dat geluk dan heb.

AgendaActualiteiten

Posted by Von Solo Mon, March 26, 2018 12:34

Woensdag 4 april

De Schouw, ROTTERDAM

Vertoning Gerhard Coxxx, gevolgd door de originele PoetsClub Rotterdam

Woensdag 11 april

Ballonnenvrees 55, De Kleine Hedonist, ANTWERPEN (BE)

Een dialogue interieur met Adriana Kobor

Vrijdag 18 mei

De Groene Fee, BREDA

Zondag 27 mei

De Riddert, ROTTERDAM

Vertoning Gerhard Coxxx, plus exotische acts

Zondag 1 juli

nog geheim, Locatie X (BE)

Donderdag 30 augustus

BUT Filmfestival, BREDA



Gershard komt er aan!!!Actualiteiten

Posted by Von Solo Sun, March 04, 2018 14:57

Kijk hier vast de trailer!!!



Blog image











Your mobile does not support playing flash video.

PaddyActualiteiten

Posted by Von Solo Thu, February 22, 2018 08:55

Toen ik vanmiddag over het Rodezand fietste, werd ik overvallen door een verlangen om de Paddy Murphy’s binnen te gaan. De Paddy is een Ierse pub. Het zit onder in het World Trade Center. Aan de buitenkant lijkt er niet veel aan. Aan de binnenkant is het een andere wereld. Het is er gemoedelijk en warm. Zachte verlichting en robuust houten meubilair. Lambrizering en grote togen, houten vloeren, ruwe planken. Alles ademt rust en zachte gezelligheid. Ze hebben muziekprogrammaatjes die je in je binnenzak kunt meenemen die elke week dezelfde singer-song-writer-cover-muzikanten aankondigen met de boodschap ‘Paddy Murphy’s, where love stories start’. Een Ierse pub is een magische plek. De herinnering aan de zaterdagen met ome Sjors op de Korte Lijnbaan bij de O’Sheas, waar we altijd een paar pinten Guinness ging pakken tegen de middag om de kater te kelen. Of de Kate Whelan’s op de Nationalestraat in Antwerpen, waar de barman dronken saxofoon speelde als we diep in de nacht telkens weer een laatste bestelden. De O’Learys in Utrecht, waar we plannen maakten om de wereld te veroveren. Of met de benen op de vensterbank naar buiten starend bij de Mrs Maguire, vanaf de eerste verdieping uitkijkend over de Liffey in Dublin. Lunchen met vis, chips en whiskey bij de Mullin’s in Maastricht. Onderuithangend met een pint ochtendlager op de stoffige stoep bij de Corcoran’s in Parijs. Zondagen na het voetbal of zittend, starend, drinkend en pratend op een kabouterkrukje in de Paddy. Tijdloos. Het roept je terug. Een Ierse pub heet je altijd welkom. Een Ierse pub is één van de zekerheden in het leven. Daardoor realiseerde ik me ook iets anders. Een Ierse pub is tevens een valstrik. Het is een droombeeld dat altijd hetzelfde blijft, terwijl je zelf verandert. Het is iets dat je kan tegenhouden op je weg. Terwijl je een leven opbouwt blijft de pub hetzelfde. Ze zal je verleiden nog even hetzelfde te blijven. En nog even. Maar ik heb ervoor gekozen niet de rest van mijn leven te verdrinken. Ik heb gekozen voor een gezin. Voor liefde. Voor poëzie en film. Voor ochtenden met bedauwde velden terwijl de zon opgaat en de wind fris door mijn hoofd waait. En toch wilde ik vanmiddag de Paddy ingaan. Ik stelde me voor dat ik er zou mogen blijven wonen. En nooit meer hoefde te slapen. Dat de pinten stout gratis zouden zijn. En dat de tijd zou stilstaan tussen mijn twintigste en mijn veertigste. Er zou gedronken worden. En dan zou er gezelligheid zijn, warmte en vrienden. Niemand zou echt dronken worden. Want de tijd leek niet meer door te gaan. Ik stelde me voor dat mijn lichaam ophield, maar mijn geest niet. Die zou ik dan stallen in de pub. Waar alles goed en veilig is. Mijn ‘Matrix’ zou een Ierse pub zijn. Waar het lijkt of alles oneindig is, terwijl de nacht nooit eindigt. En als hij dan toch eindigt, alles langzaam lichtgroen wordt en iemand je ter troost een groot glas aanbiedt. Zorgeloos. Als de hemel bestaat is het een Ierse pub. Maar de hemel bestaat niet als zodanig. Een Ierse pub is als een Efteling. Enjoy it while it lasts. En daarom is het ook meteen zo waardevol. Het is meer dan een bar met een tap. Het is een universele droom, dat er altijd een plek zal zijn, waar alles weer goedkomt. Een baken van belofte en hoop, vervuld met donker bier en milde melancholie. En inderdaad, dit moet een teken zijn. Ik zou gewoon weer eens een lekkere pint moeten gaan pakken one of these days.

OesterActualiteiten

Posted by Von Solo Thu, January 18, 2018 10:18

Blog image

Daar liep ik door de polder. Over een modderige weg, langs een dijk. Het regende en waaide. Een decemberdag zonder één enkele zonnestraal. Rechts van me vlakke velden vol klei. Vanaf station Kruiningen-Yerseke blijken geen bussen te rijden naar het dorp Yerseke. Taxi’s staan er ook niet. Alleen tram elf. En die pak je dan. Ik was onderweg naar Yerseke om daar de oesterputten te bezoeken. Sporadisch moet ik daar naartoe. Om oesters te eten. Het liefst als het koud is. Maar in het voorjaar kan ook. En als het echt zo uitkomt ook in de zomer. Soms met een maand ertussen, soms met een half jaar. Eigenlijk is er geen pijl op te trekken.

Na een klein uur wandelen kwam de dijk in zicht waaraan zich de oesterputten bevinden. Uit gewoonte ging ik naar ‘De Oesterij’. Ik bestelde bij een bevallige jonge Zeeuwse meid een glas Chablis en zes Zeeuwse creuses. Trok mijn regenbroek uit en de rest van mijn gelegenheidskleding en zette me om de omgeving in me op te nemen.

Toen ik voor de eerste keer oesters ging eten hier aan de dijk, stonden we op een zaterdagochtend te blauwbekken in een donker, rood metselstenen hokje met een sorteerband en een statafel. Ik was met een toenmalig directeur van een Bilderberg hotel. Eerst overheerste de twijfel, maar toen er een man in kokskleding binnen rende en een mand oesters mee griste die klaarblijkelijk voor hem klaarstond, keken we elkaar met voldane verbazing aan. We herkende hem allebei. Yannis Brevet, Inter Scaldes. Twee Michelinsterren*). Die haalt hier ook zijn oesters. ‘Meneer, doet u ons nog een dozijn voor nu en vier dozijn om mee te nemen. Het is feest vanavond’ Dat was het begin van het oestertoerisme, dat ons intussen links en rechts heeft ingehaald. Nu zat ik in een aangenaam verwarmd, overdekt en winddicht gemaakt terras met uitzicht over de putten. Om me heen hoorde ik gemoedelijk Vlaams klappen. De wijn werd op tafel gezet en ik liet me de oester smaken.

Een oester is een tweekleppig weekdiertje dat zich het best levend laat opeten. Mijn voorkeur heeft geheel naturel, of met een beetje citroensap en peper. Het mooiste is als je de oester bij het druppelen van het citroensap nog een klein ziet bewegen. Dan weet je zeker dat het goed zit. Sommigen slobberen de oester naar binnen. Ik geef er de voorkeur aan ze op te prikken met een vorkje. Een oester slik je niet in één keer door. Je laat hem in je mond glijden en met je tong voel je de oester. Dan kauw je rustig en beheerst, terwijl je met je tong en tanden de textuur geniet. De smaak is zo subtiel dat het opperste concentratie vereist de diepte ervan te benaderen. Uiteindelijk slik je door.

Ooit legde een mevrouw me uit dat er niet zoiets bestaat als de lekkerste oester. Soms is een Zeeuwse creuse lekker. Soms een Zeeuwse platte. Soms zijn de Franse Gillardeau oesters erg lekker. Maar de kwaliteit, als je het al zo mag noemen, is van nature nooit constant. Een oester is een levend product. De smaak hangt af van de hele natuur eromheen. Je kunt een oester geen eikeltjes voeren zoals je een Iberico varken dat zou doen. Een oester is de optelsom van de zee, het seizoen, de zon, de maan en de hele schepping. Maar een oester is vooral op dat moment, wat ze op dat moment is. En dat maakt oesters eten elke keer weer nieuw. En een ontdekking. Je weet nooit van tevoren hoe het zal zijn.

Verder kan het eten van een oester aangemerkt worden als een voedzame mix van tongzoenen en beffen tegelijk. Natuurlijk moet je daarvoor wel een beetje een fantast zijn om er zulke ideeën op na te houden, want het is natuurlijk gewoon een schelpdier eten. Of niet? Waarom worden oesters dan toch altijd het predicaat van afrodisiacum toegedicht? Is een zoen altijd hetzelfde? Smaakt een poes altijd hetzelfde? Zijn ook die zaken niet afhankelijk van het moment van de dag, de stand van de maan, de bui van de proever en de oester? Is die beleving niet ook een mix van fantasie en zinnelijkheid? Die kwesties zijn te persoonlijk om te veralgemeniseren. Een oester is niet te uniformeren. Net zomin als het leven en de liefde. De oester staat symbool voor veel meer dan een stukje luxe alleen. Ze staat voor alles dat in deze tijden dreigt te verdwijnen in de oneindige drang naar zekerheid, alles hetzelfde, snelle bevrediging, alles een merkje, duidelijkheid, geen risico’s en geen fantasie. De oester daarentegen is verbonden met alles dat de mens niet kan maken, maar wel kan vernachelen. Oesters zijn pure poëzie. Zo proef ik ze het liefst. Altijd stiekem hopend, op ooit een pareltje.

*)sedert 2017 drie sterren



Sieg HoActualiteiten

Posted by Von Solo Thu, November 30, 2017 08:40

Blog image

Dochter: ‘Ik heb een verhaal geschreven waarin Sinterklaas vermoord wordt.

Vader: ’Door wie dan? De Kerstman?’

Dit lijkt een doodnormaal gesprek tussen een dochter en een vader aan de keukentafel. Maar wat het bijzonder maakt is dat er meer waarheid in zit dan men op het eerste oog zou vermoeden. Want onder de streep klopt het. De Kerstman heeft Sinterklaas al bijna vermoord. Alleen de Sint weet dat nog niet. Dat komt door al het nepnieuws tegenwoordig.

Welk nepnieuws, zult u vragen. Laat mij u vertellen dat dat de Zwarte-Piet-discussie is. De aanval op het fenomeen Zwarte Piet is zeer geraffineerd in elkaar gezet achter de schermen door slimme marketeers. Het leidt af van het echte doel. Het afschaffen van Sinterklaas. De Sint was tot voor kort untouchable. Met de Sint solde je niet. De Heiligman was goed. Hij had echter één zwakke plek: negerslaven! En laten we nou net in een samenleving verkeren waar we toch zo onderhand tot het besef gekomen zijn dat bepaalde geschiedkundige feiten niet meer stroken met de hedendaagse algemene normen. En waar er voldoende mediocrate actiebereidheid is om er een punt van te maken.

Maar wie spint hier dan garen bij, zult u vragen. De Kerstman uiteraard! Of beter gezegd Santa Claus. Santa haalt nog steeds jaarlijks niet de geraamde recordomzet rond de Kerstdagen omdat er op 5 december ook zo nodig nog een typisch archaïsch nationaal lokaal kinderfeest gevierd moet worden in Nederland. De aandeelhouders van Santa beginnen te morren. En dat futiele kinderfeest zit in de weg van de winst. Het is al gelukt Valentijnsdag in te voeren. Dat ging er met de paplepel in. Ook Halloween wint het intussen bij ons in de straat van Sint Maarten. Alleen die vervelende Sint. Echter een paar jaar geleden vonden de trollen van Santa toch een zwakke plek in Sint zijn defensie. Het eerste stadium van de afbraak van de macht van de Sint is intussen bijna geslaagd. Nu nog iets met me-too-misbruik aantonen en de Sint is exit. Dan heeft Santa zijn doel bereikt en zullen enkel de Coca Cola trucks nog onthaald worden in Dokkum op Black Friday.

En daar zit hem de crux. Dit gaat niet enkel om feiten en beelden. Het gaat niet eens enkel om het geld. Het gaat om het slopen van de oude Europese multi cultuur gebaseerd op verschillende bevolkingsgroepen en een doorlopende stroom nieuwkomers en verhuizers. De grote sloper heet de Angelsaksische cultuur. Een cultuur die wel vaart bij eenvormigheid, schaapachtig gedrag en ongebreidelde consumptiezucht. Een cultuur die geen andere culturen naast zich tolereert. Een cultuur die gedijt bij eenvoudig herkenbare en vooral uniforme symbolen. Zoals de nazi’s het hakenkruis hebben, heeft de Angelsaksische cultuur de gouden bogen van McDonalds. Duidelijkheid. With us or against us. Capitalism first! Er is geen plek voor twee symbolen. Er is geen plek voor meerdere goden. Er is geen plek voor Santa én Sint. Dus degene die in de weg staat van altijd groeiende honger naar rendement en shareholder value, moet uit gefaseerd worden. Het is tijd voor een cultuurverandering. En zoals u wellicht weet is cultuurverandering altijd de voorbode van ‘de grote reorganisatie’. Hebt u er zin in? Bent u er klaar voor? Laat u zich voor dat karretje spannen? Kiest u vooral zelf. Nu er misschien nog keuze is. Of trek lekker een trendy t-shirt aan en droom lekker verder.



ParacetamolActualiteiten

Posted by Von Solo Thu, November 23, 2017 07:47

Blog image

Elke ochtend als hij opstond had hij hoofdpijn. En elke dag werd het een beetje erger. Eerst dacht hij dat het aan het weer lag. Of aan zijn contactlenzen. Hoewel hij sterke vermoedens had dat het iets anders was. Zijn vriendin raadde hem aan paracetamol te nemen. Maar de hoofdpijn ging niet over. Hij ging naar de dokter. Die gaf na een gesprek aan dat het waarschijnlijk de stress was. En raadde hem aan een paracetamol te nemen. Na een maand werden de hoofdpijnen nog erger. De huisarts verwees hem door naar een specialist. MRI-scans wezen op een hersentumor. De specialist adviseerde twee paracetamol in afwachting van het behandelplan. De Zwarte Piet discussie is net paracetamol.

De Nazi’s verbrandden boeken. Ze begrepen niet dat ze daarmee geen gedachtengoed konden verbranden. Ze verbrandden ook Joden. Maar daarmee konden ze geen geloof verbranden. En zigeuners en homo’s. Maar vrijheid en seksuele vrijheid verbrandde niet. Mensen verbranden vlaggen, maar geen land verdwijnt erom. Je kan standbeelden weghalen, maar geen geschiedenis. Je kan doorlopend nepnieuws maken, maar de feiten blijven staan. Je kan het meisje uit het woonwagenkamp halen, maar het woonwagenkamp niet uit het meisje. Je kan de alcohol uit het bier halen, maar nooit de zuipzucht uit de man. Je kan de duivel uitbannen, maar niet het kwaad uit de wereld. Je kan nog zoveel mooi weer spelen als het regent. Je kan paracetamol nemen als je een hersentumor hebt. Het gaat er niet door weg. Hooguit de pijn. Een heel klein beetje.

Vanavond las ik een stukje in Vrij Nederland (https://www.vn.nl/alma-mathijsen-bus-zwarte-piet/) geschreven door een naïeve gelegenheidsdemonstrante. Een labiel jankverhaal van een grachtengordeltype dat nooit een klap op d’r bakkes heeft gevoeld van dichtbij. Typisch voorbeeld van een millennial die rechten ontleent aan de meest trending twittermeningen, instagrambeleving en cybersprookjes. ‘Oh, demonstreren, leuk. Als het maar niet te spannend wordt en we thuis wel kunnen vertellen dat het zó leuk was…’ En natuurlijk is de politie slecht. Maar dat had je kunnen weten. Ze zijn de uitvoerders van een verrot systeem. Dat kwaad zit veel dieper. Dat staat niet op de A7 tussen Joure en Dokkum. De uitvoerders van het kwaad zitten gewoon veilig in pluche en torentjes in Den Haag. En draaien een rad voor de ogen van dergelijke naïevelingen. In boardrooms en veilige villa’s lacht de echte macht.

De beeldenstorm in 1566 duurde drie maanden. De oorlog die erop volgde duurde tachtig jaar. Die drie maanden losten weinig op. Het heeft wat weg van het vernielen van cultureel erfgoed dat IS de afgelopen jaren intensief heeft beoefend. Een beeld is zo kapot. Maar als de achterliggende wereld je doel is, dan heb je nog een lange weg te gaan. En ik betwijfel of al de huidige meninghebbers dat zich ook realiseren. Het vereist een bredere kijk op zaken en een stukje historisch besef. Geschiedenis? Geven ze dat vak eigenlijk nog wel op school? En het vereist een lange adem, strijd en slachtoffers, veel slachtoffers. Ik ben benieuwd of de hedendaagse ‘demonstrantjes’ nog over een dergelijke helicopterview beschikken om dat te bevatten.

Er zijn twee manieren waarop je iets groots kunt aanpakken. De eerste manier is voor de bühne. Dat is voor de poseurs, die graag ter meerdere eer en glorie van zichzelf staan te blaten. Bijvoorbeeld Sylvana Simons. Of Thierry Baudet. Die is wezenlijk geen haar anders waar het komt op aanpak van echte problemen. Een probleem aanpakken voor de bühne is een beeldenstorm. Het is een steen door de ruit gooien en dan hard wegrennen. De tweede manier is een probleem echt aanpakken. Analyse, feiten, volharding, strijd, offers, falen, falen, en nog eens falen, terug op krabbelen, alles verliezen, onrecht ondergaan als de gewoonste zaak van de wereld en maar blijven hopen en blijven vechten. Tegen alle weerstand in.

Het is niet onlogisch dat de eerste manier en de tweede manier bij de aanpak van grote problemen samen gaat. Maar zoals gesteld, de eerste manier is voor mietjes en de tweede manier is voor volhouders. De eerste manier is voor mensen die gaan voor glorie. De tweede manier is voor mensen die gaan voor een betere wereld. De eerste manier is voor mensen die geloven dat als je Zwarte Piet doodt, je het racisme uitbant. De tweede manier is voor mensen als Mandela, die jarenlange gevangenisstraffen, lijden en verlies niet uit de weg gaan, voor een hoger ideaal en dan na alles nog geloven on co-existentie. De eerste manier is paracetamol. De tweede manier is een behandelplan met geen enkele zekerheid van de uitkomst. Maar wel gericht op wat echt het probleem is. De tumor. Niet de hoofdpijn. Momenteel houden duizenden mensen zich voor en tegen bezig met de paracetamolvoorziening. De eerste die met een echt behandelplan komt moet ik nog meemaken.





ComedieActualiteiten

Posted by Von Solo Thu, November 23, 2017 07:45

Blog image

Op een dag neem je jezelf voor de beslissing, dat het niet langer kan zo. Het idee dat het leven één opgaande lijn is komt maar niet van de grond, door allerlei futiliteiten en tegenwerkingen van datzelfde leven. Maar je weet zeker dat, als je alles anders gaat doen, wel elke dag een feest zal zijn. Leven alsof elke dag de laatste is. Geloof je het zelf?

Als ik mijn zoontje vraag wat de leukste plek van Rotterdam is, dan zegt hij steevast: ‘De Intertoys’. Geen buitenspeeltuin, geen pannenkoekenhuis, geen museum, niet zijn eigen huis. Nee, de Intertoys. Want daar kun je altijd speelgoed kopen. Of het nou net Sinterklaas geweest is of zijn verjaardag, als je hem vraagt wat hij het liefst zou gaan doen, dan zal hij zeggen: ‘Naar de Intertoys!’ Uiteraard stoort me dit mateloos als ‘verantwoorde vader’, maar met de hand in eigen boezem kan ik ook niet anders concluderen dan dat ik het wel snap. De maatschappij waar we in leven is rijk en welvarend. En consumeren is waarde geworden. Zolang je dat doet, verzeker je jezelf van doorlopend kortstondig geluk. Dat snapt zelfs een kind onbewust. En tot ik stopte met veel drinken en onbeperkt schransen, wist ik ook niet beter. Soms gaan je ogen wat laat open voor dat soort zaken. Dus kun je het een kind kwalijk nemen? Wie kiest er bewust en gericht voor de schrale leegte welke achtergelaten wordt door een gebrek aan materiële zaken en snelle bevrediging? Dat waar je mee geconfronteerd wordt tussen werk en wereldreis. Dat vermijdt men liefst.

Het lijkt er een beetje op dat we gelukkig zijn en het leiden van een leven als hetzelfde beschouwen. Ben je niet gelukkig, dan leef je niet echt. Dan moet je gelukkig worden zodat je weer kan leven. Leven alsof het de laatste dag is bijvoorbeeld. Bucketlists maken en bouquetreeksen als leidraad. Jezelf doelen stellen die je wil behalen in je leven zodat je dan weer hogere, of gewoon meer doelen kan stellen. Dat kan een grotere auto zijn, een groter huis, een jongere vriendin, nog maar een kind, een verre reis. En dan zal alles in orde zijn. Dan ben je gelukkig en kan je leven. Het heeft iets weg van een vicieuze cirkel. Maar ooit zat ik ook in deze cirkel. De oplossing was dat ik zou vertrekken uit Zeeland, en dan zou alles beter worden. En zou ik elke dag gelukkig zijn. Zo belandde ik in Breda. Daar leerde ik vooral weer andere problemen van het leven kennen. Ik was vrijer. Maar veel gelukkiger was ik niet. Dus na anderhalf jaar verhuisde ik naar Antwerpen. Want dan zou elke dag als vakantie voelen. En dat bleek ook zo te zijn. Nog steeds als ik van de Rooseveltplaats naar de Wapper loopt voelt het als thuiskomen in vrijheid. Vrijer en losser van alles dan ooit daarvoor. Mijn eigen weg. Maar om te zeggen dat het louter gelukkige tijden zijn geweest zou wat al te melancholisch zijn. Het was ook afzien en de goot van dichtbij bekijken.

Uit die tijd is me een voorval bijgebleven. Ik had op een dode donderdagavond met een maat afgesproken. Samen hadden we toch zeker tweehonderd frank te besteden die avond. Voor dat geld was het in die tijd nog best mogelijk wat pinten te vatten. Een pintje kostte toen nog vijfendertig franc. We waren beiden nog nooit in het café aan de overkant van de Oude Vaartplaats geweest waar ik toen woonde. Café de Groote Komedie. Het zag er van buiten warm en uitnodigend uit. Echt zo’n plek waar je je van afvraagt waarom je er nooit eerder bent geweest. Binnen bleek er een broeierige ambiance te hangen. Er waren wat stellen aanwezig die wij als oud klasseerden. Zelf waren we net twintig en deze mensen waren zeker bijna veertig. Een vrouw danste lustig met een man. Beiden raakten we gebiologeerd door de dans en op een gegeven moment wilde de vrouw ook met ons dansen. Als gezonde jongens sloegen wij dat niet af. Het woord MILF bestond nog niet, maar wij wisten al wel. Ze schurkte tegen ons aan en wij sloofden ons uit. Na het dansen kwamen we in gesprek met de man van de wulpse vrouw. Uit beleefdheid vroegen we iets onbestemds. Daarop antwoorde hij dat het allemaal ‘nen grooten comedie’ was. Ik merkte op dat dat inderdaad ook de naam van de kroeg was. Daarop zei hij dat dit inderdaad ‘nen grooten comedie’ was, tevens refererend aan de kroeg. Dit herhaalde hij nog tweemaal. We dansten nogmaals en dronken printen tot ons geld op was. We hadden een topavond gehad. Twee dagen later praatten mijn kompaan en ik nog wat na over de bewuste avond. Het beloofde meer. Ik ben daarna nog een keer of drie bij café de Groote Komedie geweest. En het was saai en er gebeurde niets. Café de Groote Komedie bestaat intussen ook niet meer.

Er is meer dan veertig jaar turbulent leven achter de rug. En het is niet zo geworden als ik op mijn achttiende dacht. Maar als ik een rustig moment heb. tel ik mijn zegeningen. Als mijn zoontje zit te tekenen en ik kijk naar hem, dan voel ik me gelukkig. Als ik mijn dochtertje in een boek zie lezen, dan kijk ik daar graag ongemerkt naar. Dat vervliegt weer bij de eerste gewenste volwassen plichtpleging. Maar zo’n momentje herkauw ik rustig. Als ik denk aan het moment dat ik de zon zag opkomen om zeven uur in de ochtend op een zondag boven de Erasmusbrug twee jaar geleden, dan beleef ik dat even weer. Vervolgens duik ik weer een spreadsheet in op een druk kantoor. Leven is als een kus in de nacht tussendoor slaap en waken. Het koesteren waard. En enige zekerheid op herhaling is er niet, hoogstens hoop en verlangen. En daar kun je een enorm drama van maken. Maar wezenlijk gezien is het niet veel meer of minder dan ‘nen groote comedie’. Dan kun je er ook maar beter om lachen op het moment dat die ene goeie grap je overkomt.