SOLO ACTUEEL

SOLO ACTUEEL

ACTUEEL

Columns, actualiteiten, rariteiten en markante feiten...

Prijs!!!

ActualiteitenPosted by Von Solo Fri, September 07, 2018 14:37
Von Solo wint de award voor beste performace op het dertiende BUT filmfestival!!!



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post27

BUT filmfestival

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, August 30, 2018 16:09
Donderdag 30 augustus treedt Von op om 18:00 op hhey BUT filmfest.
Ook het spektakelstuk Gershard Coxxx zal om 19:30 vertoond worden.

https://youtu.be/mgrVP33-3kM





  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post26

Rotterdam-Berlijn

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, August 30, 2018 16:06

Afgelopen weekend zag ik in de stad een poster hangen. Vier woorden vielen me op: Rotterdam, Shell, waterstof, Berlijn. Er liep een rilling over mijn rug. De liefde voor mijn thuishaven is geen onderwerp van dispuut. Ook al is het soms haat-liefde. En ik weet dat Rotterdam zich probeert te profileren als hippe stad. Maar het in één adem noemen van deze twee steden voor marketing doeleinden legt wel heel duidelijk een zere zenuw bloot.

Onlangs had ik het geluk een weekje in Berlijn te mogen vertoeven met mijn gezin. In Friedrichshain wel te verstaan. Oud Oost-Berlijn. Een ‘buurt in opkomst’. Voelde helemaal als thuis. Al na een dag was me echter duidelijk dat Berlijn een biotoop is, dat zich niet laat meten op polderschaal. ‘Hip’ kreeg ineens weer een andere lading dan de tegenwoordig geïnstitutionaliseerde hipheid van de Nederlandse ‘grote steden’. De yoga meiden en de barber boys. De hele meute blanke middenklasse bakfietsgezinnen, die allemaal niets willen missen. Voorspelbare veilige wegwerp hipte. Het moet ook weer niet te hip worden. De hipheid moet wel een beetje uniform blijven, anders snappen we het niet meer. En wat we hier in Nederland niet snappen, dat marginaliseren we, of maken we kapot met een clusterbombardement aan bureaucratische regeltjes.

Maar waarom is Rotterdam dan niet het Berlijn van Nederland? Heel simpel. Rotterdam is niet te vergelijken met Berlijn. Laat ik hiertoe een aantal mythes ontkrachten.

Rotterdam heeft erg geleden onder de oorlog en Berlijn ook. Dat klopt. Maar de schaal waarop is niet vergelijkbaar. Bij het bombardement vielen achthonderd doden. Bij de slag om Berlijn honderdduizend slachtoffers. Ook de vernieling staat niet in vergelijkbare verhoudingen.

Rotterdam is multicultureel en Berlijn is ook kosmopolitisch. De cijfers vertellen ons dat in Rotterdam vierenveertig procent van de bevolking wortels heeft buiten Europa. In Berlijn is dat achttien procent. Berlijn is dus in dat opzicht een ‘blanke stad’. De culturele dynamiek zou dus bij ons veel groter moeten zijn. Maar daar is weinig van te merken.

Het belangrijkste echter, is dat Rotterdam zich tracht te verkopen. Heel erg hard. Het meet zich dus alles aan,dat de marktwaarde verhoogt. Shell-waterstof-Rotterdam-Berlijn. Maar daaruit kan ik enkel concluderen dat Rotterdam het niet heeft en Berlijn het niet nodig heeft. Ze zouden ons vierkant uitlachen. Jazeker, dat zouden ze doen. Niet iedereen natuurlijk, maar zeker een aantal. Er zouden er zelfs de straat op gaan en stenen beginnen gooien. En dan zouden er ook nog een aantal de straat op gaan om met knuppels de stenengooiers te lijf te gaan. Want zo doen ze dat in Berlijn. Kampfzeit!

In het overwegend blanke en zeer grote Berlijn is het spectrum van subculturen veel groter. En ook radicaler. En dat is waar het verschil zit. In Rotterdam moet alles voldoen aan het Stalinistisch stilisme van het kannibalistisch kliekje dat de culturele diversiteit bepaalt. En er moet een heldere prijsvorming zijn. Anders snappen de boekhouders het niet meer. En graag licht verteerbaar en controleerbaar. Anders raken de hipsters in paniek. En je pop-up shopje in het uniform gerenoveerde pand van de almachtige woningbouwvereniging heeft ook bestaansrecht zolang de gesubsidieerde huurkorting geldt. Als het grote geld, lees de bakfietsblanken met torenhoge hypotheken, de wijk in komt, mag je oprotten, dan heeft de hipte zijn marketing doel gediend. Maar weet, dat vooral alles zonder monetaire waarde weergaloos is.

Ik kan me nog goed de Love Parade van 1997 in Berlijn herinneren. Rauw, met afwijkende wagens, rare vogelsen demonstraties. En de Dance Parade het jaar daarop in Rotterdam. Een evenement, tot in de puntjes geregeld. Levi’s en t-shirts. Clean en ingekaderd. En dat is het verschil. Berlijn is een demonstratie van wat een stad als organisme vermag. Wat er van Rotterdam over is, is een georganiseerd commercieel evenement. En zo werkt het met alle hippe evenementen in Rotterdam. Alles moet zo breed mogelijk uitgemeten. Ontdekken is er niet bij, want in de voorverkoop moet de opbrengst dekkend zijn, anders begint men er niet meer aan. Ten slotte nog een laatste bevinding om het af te maken. Afgelopen week was ik weer bij één van mijn favoriete hipster koffie tentjes, Man met Bril. Goeie koffie. Industrieel uiterlijk. Jong, quasi slonzig personeel. Alleen dan dat bordje: ‘PIN only’. So not-Berlijn.

Nee, het is niet Rotterdam-Berlijn. Het is Berlijn. Met heel erg in de verte een echo uit een heel andere put. In kleine letters. Onlangs heb ik ook een aantal dagen doorgebracht in Düsseldorf. Dat is veel meer te vergelijken met Rotterdam. Even groot. Ook twee bruggen over een rivier, een soort Euromast en op de koop toe elk jaar een kerstmarkt. Maar zo’n vergelijking verkoopt natuurlijk niet.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post25

La Chope

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, June 14, 2018 09:12



Op een terras in de volle zon. Voor me op tafel staat een Kronenbourg 1664. Halve liter. Bedauwd glas. Ik neem een grote slok en het smaakt naar water, belletjes en een weinig mout. Net een lichtbittere Spa rood. Mijn leesboek zet ik zo tegen het glas aan dat het de directe zonnestralen uit het bier houdt. Toch geen zin om te lezen. Ik wil nu even de hemel beschermen tegen de hel.

Er stopt een toeristentreintje. De ‘machinist’ moet uitstappen en zet een bord opzij dat automobilisten verteld dat de doorgang belet is in verband met straatactiviteiten. Maar de trein kan geen vertraging hebben. Het bord wordt niet meer teruggezet. Zo dat gaat. In mijn blikveld staat een grote man. Zijn leeftijd schat ik op half de dertig. Hij is erg groot. En oogt nonchalant en onsympathiek. Ik hou niet van grote onsympathieke mensen. Hij rookt ongeduldig. Voorbij zijn gezicht zie ik een jonge vrouw haar kleine, met struiken gevulde balkon op de vierde verdieping van een vervallen appartementsgebouw op bewegen. Ze knielt en doet yoga-achtig. Iets dat ik als het afschudden van energie zou kunnen interpreteren. Dan gaat ze mediteren. Tussen ons het lawaai van de Rue de Clignancourt.

Ik vraag me af hoe het zou zijn een relatie te hebben met zo’n type. Zou het onvoorstelbaar zijn. Of onvoorstelbaar voorspelbaar. De grote man is weggelopen. Maar keert weer terug en eet nu een stuk cheesecake. Ik kijk wederom over zijn schouder. De yoga mevrouw schudt haar haar los en kijkt de wereld in. Ze ziet mij. Dan verdwijnt ze naar binnen. Haar schuld is ze kwijt aan mij. En de grote man verdwijnt onopgemerkt. De barman die op Derrel Niemeijer lijkt, komt naar buiten. Hij loopt hetzelfde. Heeft hetzelfde weerbarstige haar en dezelfde soort bril. Hij doet of hij me half hoort. Als hij wegloopt zie ik de slimheid in zijn ogen flitsen. Mijn Perrier komt niet, de bestelde koffie wel. Het treintje ook weer en ik zou graag Allah Akbar roepen en het ding opblazen, maar er is ook één kind in, en dat doet me denken aan mijn eigen kinderen, hetgeen me sentimenteel maakt en daardoor weinig semtextueel.

Net aangekomen, weer weggaan, treintjes, mensen die gaan en verschijnen en alles heeft een verhaal. Dit is zo’n moment dat er iets blijft zitten, terwijl ik opsta. Een klein stukje onderbewuste valt uit mijn ‘ziel’ en rolt op de grond naast de stoel waar ik ooit zat. Dat stukje zal ik weer gaan zoeken een keer. En het zal zich niet laten herkennen. Maar het weet meer dan ik, wat ik doen zal. Wat ik denken zal. En waarom, toen en daar. Op een stoffige stoep, een kunststof geweven polypropyleen terrasstoel. Met als een golf het groen van de heuvel af door een steile straat in de verte. De code, die we bewust niet ontcijferen, ons verbergend achter ons best doend. Heimelijk ontkennend dat we gokken op een herkansing.



  • Comments(2)//actueel.vonsolo.nl/#post24

Revisie

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, June 14, 2018 09:09

De eerste keer. Het is me wat. De spanning, de stress. De verwachtingen en alles dat erbij komt kijken. Waar begin je aan zo in je jonge tienerjaren? Het grote avontuur. Het is jouw tijd. En je gaat dat allemaal meemaken. En hoe…

Er kwam een dag dat het ook voor mij zo ver zou zijn. Verkrampt door diverse dwangneuroses en angsten uiteraard iets later dan de gemiddelde jongeman, maar toch nog redelijk op tijd en ruimschoots voor het huwelijk. Zoals bij lastige dingen had ik me er alle mogelijke voorstellingen van gemaakt, om in nadering van het moment dit uiteindelijk weer alles los te laten. De eerste keer kun je uiteraard maar één keer doen, dus dan wil je wel dat het wat wordt. En mijn eerste keer is het memoreren waard gebleken.

Het meisje waarmee ik het voor de eerste keer zou gaan doen had ik bijtijds op de avond opgehaald. Ik had verzonnen dat we naar een vriend van me thuis konden gaan en daar vast wel ‘het’ konden doen terwijl de andere jongens beneden zopen en blowden. Weinig romantisch wellicht, maar als je zeventien bent en de rest van je vriendenkring loopt er al over op te scheppen, dan moet je ook wel. Denk je dan, of dat vertellen je hormonen je dan wel. Het had een zeer middelmatige, weinig memorabele, eerste keer kunnen worden.

Ware het niet dat plan A niet doorging. De vriend waar ik alles gepland had was niet thuis. Als milde autist kun je dan twee dingen doen. Dat is opgeven, alles laten varen en vastlopen, of als een stormram van vlees en bloed een weg vinden die zich niet gebaand weet door vanzelfsprekendheid. De chemie in mijn hersenen noopten me tot het tweede. Het verbaast me achteraf nog steeds dat het vijftienjarige meisje dat mijn vriendinnetje was, me in mijn blinde dadendrang gevolgd is. Het beste plan B dat ik in vijf minuten kon verzinnen was een huis dat onder aan de dijk stond. Een oude pastorie. Daar woonden hippies had ik gehoord. En zoals we allemaal weten zijn die van de vrije liefde. Dus leek het me gepast aan te bellen, alles heel simpel en feitelijk uit te leggen en vervolgens mijn maagdelijkheid eraan op te geven. Lang leve de innerlijke aspergerheid.

In mijn ene hand de hand van mijn vriendinnetje en aan mijn andere vinger de bel. Ik belde aan. Maar er werd niet opengedaan. Nogmaals belde ik aan. En nog een keer. En nog een keer. Tot ik me realiseerde dat ook dit plan B niet van de grond zou komen. Maar de koers waar ik op lag stond niet toe dat ik zou versagen. Samen met mijn meisje slopen we door het steegje naast het huis de tuin in. Ik controleerde of de achterdeur op slot was. Dat was ze. De openslaande tuindeuren waren ook gesloten, maar niet op slot. Met een brute kracht die een dwaas eigen kan zijn rukte ik de deur uit zijn vergrendeling. Ik had zin. En nu ook een opening. We slopen het donkere pand door en belandden op de eerste verdieping. Daar vleiden we ons op de grond en wist ik, na wat onhandig gefoefel, voor het eerst mijn piemel in een echt levend meisje te stoppen. Missie geslaagd. Dat feest duurde een uurtje en toen schrokken we op van een voordeur die dichtsloeg en stemmen beneden. Hoe onwaarschijnlijk het ook moge klinken, de bewoners van het pand hadden alle begrip voor onze daden en nodigden ons uit gerust nog een keer langs te komen. Hippies.

Als ik hier nu over nadenk, is een van de eerste gedachten dat iets dergelijks in deze tijd schier onmogelijk zou zijn. Toen hingen nog nergens camera’s. Meisjes van vijftien hadden nog geen volgsoftware op hun smartphones. Ze hadden sowieso nog geen telefoons. En mensen deden de deur nog niet goed op slot wegens Bulgaarse roverbenden. Daarenbij zijn er natuurlijk ook helemaal geen mensen meer die begrip zouden hebben voor dergelijk buitenissig gedrag. Als ik nu jong zou zijn, dan zou dit allemaal onvoorstelbaar zijn. Het was vast heel saai geweest, want vroeger was alles veel gaver. Mijn dochtertje of zoontje zullen nooit zulke avonturen beleven.

Maar was het vroeger wel gaver? Mijn ouders hun eerste keer was op zolder bij mijn tante waar ze logeerden. Dat is vast heel bijzonder en romantisch, maar leent zich meer voor een gedicht, dan voor een avonturenroman. Mijn opa en oma deden het een keer en konden daarna meteen verplicht trouwen wegens ongeplande zwangerschap. Dat leent zich ook weer voor een gedicht, maar dan een tikkie dramatischer.

Kortom, dan was de tijd waarin mijn eerste keer de kans kreeg, een gouden tijd. De beste tijd ooit. Mijn kinderen zullen dit nooit zo mee gaan maken. Het kan zo niet meer. Die kans is ze ontnomen door onze moderne virtualiteitsmaatschappij. Dat denk je dan. Maar stel nou dat de lijn der generaties zich gewoon voortzet. En wij ons slechts kunnen voorstellen wat onze generatie nieuw is. Dit verheffen tot standaard en referentiekader en daarna op een gegeven moment stoppen met dromen en durven. Bijvoorbeeld als we de nieuwe generatie lanceren. Ja, dan wordt het inderdaad nooit meer beter. Als mijn kinderen dit verhaal ooit onder ogen krijgen, dan zullen ze het misschien wel heel gewoontjes en knullig vinden. Dan denken zij dat ze iets veel gersers gedaan hebben. Iets wat zo gaaf is, dat hun kinderen die kans nooit zullen hebben in de toekomst. Realiseer je dat maar eens, als je morgen weer de broodtrommels staat klaar te maken, je smartphone checkt of naar je suffe kantoorbaan in de file staat.

Eens was ooit. Ooit dat wat nog komen gaat.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post23

Spel

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, May 17, 2018 16:58



Afgelopen week was ik op Texel. Maar aan elke vakantie komt een eind. Je komt dan op een avond later dan gepland met je gezin weer thuis in een leeg huis, waar alles stil gestaan lijkt te hebben. Je pakt de auto uit. Legt de kinderen op bed. De wasmachine gaat aan. Alles krijgt zijn plek weer terug. Maar zelf voel je je misplaatst. Je wilde niet terug, je wilde door.

Het gevoel dat je hebt, als je terugkomt van vakantie. Of thuiskomt van een feest buiten de stad. Gevoel van eindigheid. Dat gevoel strookt niet met vrijwilligheid. Eerder met beklemming. Het is alsof er iets voorbij is en je terug bij af bent. Je wil door, maar niet weet hoe. Of niet weten wil hoe. Dan neem je nog een biertje. In de hoop dat dat het gevoel vervaagd. Je neemt er nog eentje en er gebeurt niets. Het smaakt nergens naar. In het gunstigste geval heeft het wat weg van een glas dat halfleeg is. Dat is één manier om ernaar te kijken. Je kan uiteraard geheel esoterisch en positief verantwoord ook redeneren dat je de vreugde van de vakantie of het feest met je meeneemt in de dag van morgen. Dat zou kunnen. Er zijn zat zelfhulpboeken die je dat zullen aanraden. Bij mij kwam echter een andere gedachte op.

Het is een gegeven dat ik ben doodsbang dat ik kanker heb. Die doodsangst is zeer matig gegrond. Met mijn arts heb ik het vaker over die hypochondrie gehad en telkens weet hij me weer gerust te stellen en loop ik de deur weer vrolijk twijfelend uit. Maar telkens komt er ook weer een moment dat het de kop op steekt. Wat als ik er voor mijn kinderen niet meer ben. Dat ik niet de waardigheid zal hebben om in rust te sterven Dat niets meer zal lukken in de dagen voor mijn verscheiden en dat alles gedompeld zal zijn in een sfeer van ongeluk. Net het beste idee ooit hebben als je het gif al genomen hebt. Heerlijke irrationele angsten der sterfelijkheid. Het zal wel een bij-effect zijn van mijn midlife crisis.

Maar stel nou dat de mensheid de dood al lang vergeten is. Er bestaan geen ziektes meer. Er zijn geen oorlogen. De mens is al lang niet meer sterfelijk. Als wezen leven we al een oneindigheid in een grenzeloze eeuwigheid. En dit alles, deze wereld om ons heen, dit leven, is niet meer dan een experiment. Een experiment waarmee de mensheid zich tracht voor te bereiden op haar grootste angst en uitdaging. Op het (wederom) afscheid (moeten) nemen van oneindigheid. Dat dit alles niet meer is dan een oefening voor een hernieuwde stap die sterfelijkheid heet. Doodgaan is dan niet meer dan het eindwerk van een opleiding. We keren terug naar de veiligheid van onze onsterfelijkheid met een diploma of moeten voor een herkansing. En is reïncarnatie de herkansing voor de onsterfelijke ziel om sterfelijkheid te doorgronden of zich ermee te kunnen verzoenen. Een onsterfelijke die zich verzoent met sterfelijkheid.

Dat zou een hoop grondslagen van geloofsovertuigingen verklaren en deze ook een waarachtig karakter verlenen. Of is het juist dat? Dat we zo onsterfelijk zijn, dat we dat nauwelijks kunnen geloven. Is dat waarom het spel des levens gespeeld moet worden. Om in sterfelijkheid de rust te vinden die nodig is om met onsterfelijkheid om te kunnen gaan. De rechtvaardiging van een onsterfelijke ziel. Dat dit spel een straf is voor ons ongeloof en gebrek aan vertrouwen in de oneindigheid. Een leerweg die we moeten gaan voor we mogen ervaren?

Intussen zit ik weer achter mijn klavier. Niet wetend of wat ik elke dag doe enig verschil maakt. Niet wetend of ik morgen sterven zal of over vijftig jaar. Bang voor de dood en zwalkend door het gebrek aan idee waar het leven toe dient. Werken, eten, slapen liefhebben, op reis gaan en terugkomen. Een reis naar het einde van de dag, of naar het einde van de nacht? Of een herhaling van zetten, op zoek naar een opening?



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post22

Onder de trap

ActualiteitenPosted by Von Solo Fri, April 06, 2018 08:42
Bij opa en oma woonden tijdens de tweede wereldoorlog Engelse vliegeniers onder de trap. Onder de trap bij de buren stond een radio verstopt waar Radio Oranje op geluisterd werd. Twintig jaar later kwam bij de buren onder die trap een televisie te staan, want televisie was door de kerk verboden. Zelfs Harry Potter woonde onder een trap. Schande! Een paar moslims hebben op de Hogeschool Rotterdam een loze ruimte onder een trap gekaapt om een gebedsruimte te maken. Ze hebben er zelfs een muurtje gebouwd om de mannen van de vrouwen te scheiden. Na de ontdekking is met deze ruimte korte metten gemaakt. De schuldigen zullen ter verantwoording worden geroepen. En terecht natuurlijk! Mannen en vrouwen scheiden? Hoe durven ze. Dat is toch barbaars. Dat doen wij blanke kolonialen op de korfbalvelden al jaren niet meer. Ik smul hiervan. Het leest als een spannend jongensboek. Achmed Pötter en de geheime kamer op halal Schweinstein. Het is een perfect staaltje urban exploration gevolgd door een minstens net zo effectief staaltje urban exploitation. Bravo! Alle lof. Creatief, gewaagd. Effectief en overtuigd. Allemaal woorden die mij zo invallen. En ik kan er nog meer verzinnen als het moet. Maar zo niet de Hogeschool Rotterdam. Nee, die salafisten moeten gewoon gebruik maken van de hen toegewezen ruimten. Die moeten gewoon in hun hokje geplaatst worden. Dat hokje dat de Hogeschool voor ze gemaakt heeft. Net als al die andere hokjes die instellingen in dit land voor iedereen maken. Maar oh wee als je zelf een hokje maakt. Dan zijn er gelukkig de wetten. Telkens meer en nieuwe wetten. Als je een hokje aan je huis wil maken, dan is er een wet die dat verbiedt. Daar moeten eerst de brave, saaie, trage bureaucraten een plasje over doen. Als je vervroegd tussen zes planken wil op een waardige manier, dan is daar een wet voor om dat weer wat onzekerder en mogelijk zonder goed gevolg te laten verlopen. En dan heb ik het nog niet eens over alle omgeschreven wetten van het zogenaamde CDA-fatsoen en de overige politieke correctheid. Snel weg dat schilderij met die blote foef. Iemand zou er weleens aanstoot aan kunnen nemen en spontaan zin krijgen. Snel weg met die dichter met zijn vieze versjes en snel weg met alles dat buiten de normale verdeling van de veilige volledige saaiheid valt. Als de wet het niet regelt, dan wel het fatsoen. Netflix, doe dat maar. Geen gekke dingen verder graag. En dat fatsoen en die wetten maken ons stiekem tot een volkje van brave nazi’s. Protesteren? Dat doen krakers. Krakers? Dat zijn allemaal werkelozen. Werkelozen? Die zijn te lui om te werken. En kunstenaars? Die hadden maar een vak moeten leren. Postbode of zo. Vluchtelingen? Die moet je helpen. Vooral in het land van herkomst, en onderwijl PVVVDFVDD en Leefbaar stemmen. Moslims onder een trap? Geradicaliseerde terroristen. Weg ermee!!! Yep, alles exact in de trant van wat de Sicherheidsdienst had gezegd als ze de vliegeniers of de radio gevonden hadden. We zijn verarmd en we durven niet meer. Alleen in Groningen en Friesland weet men nog collectief waarom geen sleepwet. Afwijkend gedrag is tegenwoordig gedegradeerd tot een diagnose. Een activist is direct een terrorist. Niet in het gelid denken is een overtreding. Niet in het gelid lopen een misdaad. En ik kan geen trap bouwen die tot de hemel rijkt, waar op een gegeven moment nog genoeg mensen onder passen. Maar heel soms, ga ik toch even onder de trap zitten. Alvast wennen aan een tijd die misschien nog eens komen gaat en dat ik dat geluk dan heb.

  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post21

Agenda

ActualiteitenPosted by Von Solo Mon, March 26, 2018 12:34

Woensdag 4 april

De Schouw, ROTTERDAM

Vertoning Gerhard Coxxx, gevolgd door de originele PoetsClub Rotterdam

Woensdag 11 april

Ballonnenvrees 55, De Kleine Hedonist, ANTWERPEN (BE)

Een dialogue interieur met Adriana Kobor

Vrijdag 18 mei

De Groene Fee, BREDA

Zondag 27 mei

De Riddert, ROTTERDAM

Vertoning Gerhard Coxxx, plus exotische acts

Zondag 1 juli

nog geheim, Locatie X (BE)

Donderdag 30 augustus

BUT Filmfestival, BREDA



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post20
Next »