SOLO ACTUEEL

SOLO ACTUEEL

ACTUEEL

Columns, actualiteiten, rariteiten en markante feiten...

Nusch

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, May 09, 2019 07:27

Haar gezicht, nabij dat van een andere vrouw. Ogen bijna gesloten. Naakt tussen droom en inslapen verkerend. Alsof ze minimaal leven inademt. Daar, boven het gezicht en de blote borsten van die andere vrouw. Te rustig om ongemak te voelen.

Een andere foto. Hoe ze als een hondje opkijkt naar de blonde vrouw die haar aan de boezem koestert. De zachte kromming van haar hals en de tederheid in de ogen. De kwetsbaarheid en geborgenheid.

Dan de foto op de Impasse de Deux Anges. Samen met haar geliefde. Engelen in een wereld, waar de realiteit in een moment gevangen wordt. Waar het lot geliefden net zo makkelijk weer van elkaar scheidt.

Het is negentienzesenveertig. In de stad der engelen stort een vrouw ter aarde. Haar hart stopt. De man op de foto is op dat moment in Zwitserland. Het is een eenzaam passeren. Veertig jaar is ze op dat moment.

Drieënzeventig jaar later ploegt een man van vierenveertig door wat fotoboeken van Man Ray. Zwartwit foto’s op papier. Stilstaand beeld, decennia oud, dat in staat blijkt snaren te raken die diep verborgen liggen. De waarnemingen van ogen, die mengen met gedachten en voorstellingen. Of je een veulen opgraaft uit het permafrost, om er na ontdooien achter te komen dat het bloed nog vloeibaar is en warm als levend. Wat heeft schrijven dan nog voor zin?

Dat we enkel verhalen zijn. Bij dood en bij leven. Bij nooit meer en altijd weer.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post43

Eiland

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, May 09, 2019 07:25

De lente was van oudsher de tijd dat iedereen weer begon de zaken in orde te maken voor het seizoen. Bootjes meerden weer aan op de eilandjes in de Bergse Achterplas. Buren groetten elkaar en hielepen elkaar met kleine reparaties. Kinderen maakten de tuigage van hun kleine zeilbootjes weer in orde en maakten afspraakjes voor de eerste onderlinge wedstrijdjes ronde de eilandjes. In de avond fonkelden over de plas de lichtjes op de eilandjes. Zelfgemaakte hutjes op het veen, die van aanloop tot uitloop van het zonnige seizoen kleine paradijsjes vormden voor hele families, die dan op hun beurt ook weer een hele familie vormden van eilandbewoners.

Mijn buurvrouw van vierentachtig kijkt naar buiten door haar ruitje van enkel glas in een houten sponning, waar aan de buiten- en binnenkant de verf langzaam afbladdert. Haar man loopt krom over het eilandje met een jerrycan om het motortje van het bootje bij te vullen. Bij het belendende eilandje meert een sloep aan. Een grote, nieuwe, open boot met zo’n kabeltouw rondom. Wit met een Nederlands vlaggetje. Twee yoga vrouwen en een man in een polo met opgezet kraagje gaan aan land. Eén van de vrouwen ziet mijn buurvrouw en werpt een kushandje. Even later komt er een waterscooter aan gescheurd met daarop een zongebruinde man.

Op het eiland is het jaar daarvoor een uit de kluiten gewassen tiny villa opgetrokken in stemmig grijs, wit en zwart. Met een groot terras en aansluitend een aanlegsteiger. De glazen schuifwanden staan open en op het terras houden de mannen zich bezig met het braden van een côte de boeuf van slager Tol op de Green Egg BBQ. Ibiza lounge muziek golft over het water naar het eilandje van mijn buren. Puck en Floris-Jan heten ze. De nieuwe buren. Puck is lifecoach en werkt aan een reisroman. Floris-Jan werkt bij een grote verzekeraar en zijn functie is een afkorting die blijkbaar een algemeen bekende functie beschrijft. Ze hebben het eilandje via een tussenpersoon op de kop getikt. Ver boven de vraagprijs natuurlijk, want dit is zo uniek. Ze hadden geluk dat ze de kans hadden. Iets met oude mensen en overlijden of zo.

Het is bijna juli. Vroeg in de middag. Mijn buurvrouw zit op haar vlondertje en kijkt over het water. Haar man zit er ook en is ingedut. Vroeger waren ze hier met hun vier zonen. Later kwamen daar kleinkinderen bij. Door de weeks werkt iedereen en is er weinig aanvaart. Maar in het weekend is het een komen en gaan van bootjes. Puck en Floris-Jan zijn sinds mei niet meer gezien. Wel een tuinman, die de tuin is komen doen. Elke twee weken. En ook is er nog een schoonmaakster geweest een keer. Puck is op wereldreis, voor haar boek. Floris-Jan werkt ook veel en als hij tijd heeft vliegt hij Puck graag even achterna. Maar begin augustus komen ze weer naar het eiland. Beloofd. Zeker een weekend.

Geld koopt je alles. En geld kan je alles afkopen van degenen zonder geld. Onze buurvrouw weet het ook. Al die yuppen, die eilandjes kopen voor een paar ton en dan voor een paar ton een huisje op gooien om drie weekends per zomer zichzelf te bevestigen dat ze de rijkdom inderdaad voor zichzelf hebben. En het is niet dat het ze niet gegund is. Het is meer dat het zoveel anderen nooit meer gegund zal zijn. Waar vroeger families en generaties konden genieten van de gezamenlijkheid, is het nu een schaars goed voor de rijken geworden. Die met alles wat ze kunnen kopen hetzelfde omgaan. Ze consumeren en gooien weg, of laten verrotten. Maar oh wee, als je eraan durft te komen.

Mijn buurvrouw kijkt naar de vogels die aan en af vliegen om nestjes te maken. En met leven en wel wezen zal ze het seizoen weer zien veranderen na de zomer. Voor haar staat het eiland voor een stukje geluk en een schatkamer aan herinneringen. Ze vertelt ons erover, met twinkelingen in haar ogen. Die herinneringen houdt ze bij zich. Dingen waar ze zich op donkere dagen aan warmt.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post42

Afwas

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, March 07, 2019 11:55

Vorige week donderdag liep ik langs de pantry bij ons op kantoor. Er stond een ongewassen mok op het aanrecht. Naast de kraan lag een afwasborstel en stond een flacon afwasmiddel. Aan het handvat van de koelkastdeur hing een theedoek. Vrijdag stond er een beker bij. Maandag was het assortiment aangevuld met twee glazen en een koffiebeker. In de glazen stonden twee lepels. Het keukenblok met koffieautomaat en wasbak staat midden op een afdeling, waar dagelijks gemiddeld dertig collega’s hun dag doorbrengen. Dinsdagavond liep ik om kwart over zes nog over de afdeling. Deze is dan meestal geheel of ten minste bijna leeg. In een donker separeer kantoortje zat nog een medewerkster te buffelen. Op de open afdeling zat nog één communicatie medewerkster te typen. De afwas had zich intussen opgestapeld.

Ik bleef staan om de stapel te bekijken, twijfelend. Zou ik deze afwas doen, of me omdraaien en naar huis gaan. Naar huis gaan was een aanlokkelijk vooruitzicht. Afwassen zou wel heel dol zijn. Andermans vaat doen in mijn eigen tijd. Oké, ik hang daar wekelijks een schone theedoek op, om het gebruik van mokken te bevorderen, maar zelf afwassen? Niemand anders doet het, dus waarom zou ik het wel doen? Ik heb wel wat beters te doen. Het idee kwam me vreemd voor en dat gaf dan ook de doorslag. Ik draaide de kraan open en spoot wat afwasmiddel in het water terwijl, ik de mokken in het wasbekken begon te leggen. Stiekem hoopte ik dat iemand me zou komen helpen, want het voelde raar.

Terwijl ik, na de eerste ‘schaamte’ voorbij te zijn, uiteindelijk op het gemakje in een nagenoeg leeg kantoor de vaat stond te doen, dacht ik aan alle dingen, waar ik de tijd niet voor neem. En dat dan in het licht van deze schijnbaar nutteloze actie. De conclusie was, dat onverschilligheid gevoed wordt door onverschilligheid. En dat sluipt, vermomd als achteloosheid of onschuld. Die ene mok nodigt een tweede mok uit. Een moment van onverschilligheid worden er twee en twee worden er vier en zo maar door. Tot het moment dat de kritieke massa is bereikt en de macht van de onverschilligheid verheven wordt tot norm. En degene die afwast de vreemdeling is geworden. Dat was waarom het, toen ik eraan begon zo raar voelde.

Maar er is nog iets dat veel gevaarlijker is. De macht en meetbaarheid van het belang. Wat is het belang van het afwassen van een mok afgemeten tegen pakweg het belang van ‘op tijd’ in de file staan? Of dat wat maakt dat een mens zich te verheven voelt en iets kleins als het wassen van een mok als te min of futiel bestempeld. Zo kun je dieren en andere mensen ook als van minder belang bestempelen. Zo kun je ecosystemen lager waarderen ten opzichte van economische systemen. Zo blijft in het einde enkel nog het hoogste belang over om te dienen. En je voelt je dom en raar als je je met iets bezighoudt, dat van geen of minder belang is.

Maar laat mij u vertellen. Niets is triviaal. Het is hoogstens de mate waarin we collectief onverschillig zijn, die zaken hun waarde of belang ontneemt.

  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post41

Dresden aan de Donau

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, March 07, 2019 11:39

Het had ook een andere stad kunnen zijn, maar dat was het niet. De Elbe stroomde er in dit geval doorheen. En daaraan lag een camping. Daar stopte de bus. Het was geen dure reis geweest, want geld hadden we niet. Zij studeerde en ik deed ook zoiets. We hadden samen geboekt, omdat we na twee jaar ook weleens een keer samen op vakantie wilden. We wilden nogal wat.

In de bus naar Dresden zaten leuke gezellige jongeren van onze leeftijd. Mijn aandacht werd meteen getrokken door een meisje met een korte, strakke spijkerbroek en volle lippen. En dat zag ze zelf ook. Maar ongeschreven onvolwassen regels schrijven voor wat misplaatst is. En onuitgesproken woorden handhaven de stilte. En de stilte werd almaar dieper, hoe donkerder het werd. Laat op de avond kwam de bus aan op de camping langs de rivier. Eenieder betrok zijn tent. Mijn vriendin en ik deden dat ook. Er werd die avond niet geneukt. Zeer tot mijn ongenoegen.

Enige avonden later waren we met het hele gezelschap aan de zuip in wat voor het oude centrum door moest gaan. Met zijn allen rond een grote tafel. Het meisje met de volle lippen had een strak leren broekje aan en kantelde openlijk haar bekken voor me, keer op keer. En ik keek toe. Gebiologeerd door de simpliciteit van de menselijke fysiek en geilheid. En toen was er ruzie. Mijn vriendin vond het te onbeschaamd voor woorden hoe ik dat meisje in haar kruis zat te staren. Het meisje zweeg. Ik werd boos omdat we nog steeds niet geneukt hadden op vakantie en gebruikte dat als verweer voor mijn onbeschaamdheid. Die avond eindigde in de tent met over en weer gejank, zoals jonge mensen dat zo goed kunnen.

De ochtend bracht stilte. En in die verraderlijke veiligheid van een brakke ochtend in het gras onder de bomen vertelde ik mijn vriendin dat zij niet de enige was. Hoe het gebrek aan fysieke intimiteit me in de armen van een ander gedreven had. ‘En hoe dan verder?’ ‘Gewoon maar verder’, was mijn antwoord. Op die leeftijd gaat dat allemaal wel. Dat denk je tenminste. Toen ik twee maanden later onverwacht bij mijn vriendin thuis op de bank zat en ze zoenend met een ander de voordeur binnenrolde, wist ik ineens wel beter.

Een paar maanden daarvoor fietste ik door het schemerduister voorbij het Utrechtse Griftpark, Niet eerder had ik me zo vrij gevoeld. Het was een stroom van verscheidene gevoelens, waarbij gedachten onvolwassen waren. Het was als de eerste gitaarklanken van ‘One of us’. Ik kwam bij een lieve jonge vrouw vandaan. En was erg arm en onbezorgd toen.

Als de oorlog komt, zijn er bombardementen die niets heel laten. Vuurstormen maken steden met de grond gelijk. Zowel medemensen als redenen als de namen van de generaals worden brokstukken vergetelheid. En toch verrijzen ze om onduidelijke redenen toch altijd weer uit hun as. Herwinnen oude glorie en pretenderen sterker door strijd en wijzer door verlies. De oude mensen zullen zich de geur van stad herinneren zoals ze ooit was. Zij die daar net te jong voor zijn, zullen voor altijd met één been in de herinnering staan en met het ander in twijfel.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post40

Vanavond live...

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, January 31, 2019 15:15


  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post39

Burger

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, January 31, 2019 15:13



Ze heeft mooie, grote, rechte voortanden. Volle lippen. Haar ogen zijn gesloten en haar wimpers zijn voorzien van mascara. Niet te veel. Heel subtiel wat oogschaduw. Haar huid is voorzien van een bijna onzichtbare laag foundation. Ze steekt haar tong zo ver uit als mogelijk. Om haar mondhoeken speelt een wellustige lach. Ze likt een aan sappige cheeseburger. Op een muurprint aan de zijkant van een nieuw te openen restaurant. Haar hoofd is bijna een meter groot.

‘Ontwerp me een poster die dit nieuwe hamburgerrestaurant verkoopt!’ Dat stond ik de email die de reclameman via de mail ontving bij wijze van offerteaanvraag. De reclameman dacht na. De dag ervoor had hij een pornofilm gezien. Hij had ook zo graag bevredigd willen worden. Maar verder dan masturberen met zichzelf was het tijdens de film niet gekomen. Triest was het verlangen, maar hevig. Alles had hij ervoor over gehad, als zich geile lippen om zijn lid hadden gesloten. Maar het leven was geen pornofilm. Hij nam nog een hap van zijn broodje en kreeg een idee.

‘Maak een foto van een representatief, girl-next-door model die een hamburger benaderd of ze er fellatio mee bedrijft’ Dat stond in de opdrachtmail aan de fotograaf die wel vaker klusjes deed voor het reclamebureau. Het geld was goed en de opdracht niet wezenlijk vreemder of anders dan hij gewend was. Hij dacht aan zijn vriendin. Dat ze nooit voldeed aan de beelden die hij schoot. Dat zij nooit deed wat hij op de gevoelige plaat vastlegde. De waarheid die hij maakte was niet zijn eigen.

Ze kwam op tijd aan, elf uur scherp. Geen bijzondere kleding vereist. Casual representatief. Een reclameshoot voor een hamburgerrestaurant. Ze rook de geur van gebakken rundvlees. Er werden foto’s gemaakt van een getinte man in een hoody. Haar ‘tegenspeler’ op de poster. Hij had een hamburger in zijn handen en staarde daar verlekkerd naar. De grimeuse wenkte haar en zette haar in de plamuur. Toen ze klaar was, riep de fotograaf haar op de set. De burger die haar tegenspeler zojuist in zijn handen had gehad stond klaar op een schaaltje.

‘Doe of je de ballen van je vriend likt. Of je zijn pik likt van schacht tot eikel.’ Even was ze beduusd. Ze moest zich iets voorstellen wat ze nooit deed. Ze had zelfs geen vriend en wilde ook helemaal geen geslachtsdelen likken. Maar ze probeerde het op een manier, die ze dacht dat wel fotogeniek zou zijn. Het was werk en het betaalde goed genoeg. Ze sloot haar ogen alsof er ballen en een piemel in de lucht hingen stak ze haar tong zo ver mogelijk uit en likte de leegte. ‘Perfect!’, zie de fotograaf ‘En pak nu de burger en doe dat nog een keer.’ Ze proefde het verlepte blaadje sla en hoorde camera klikken. Voelde zich dom, zo dom, dat ze bijna moest lachen. ‘En zo sta ik straks, larger than life, in de kijker op de Kop van Zuid. Ik pijp een burger.’

Niets is ooit wat het is. Voor niemand die eraan meedoet. Onder de streep wed ik dat de burgers ook niet veel zullen zijn. Maar dat zal ik nooit weten, want ik ga er niet eten.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post38

Vuil spel

ActualiteitenPosted by Von Solo Tue, January 22, 2019 22:27
Het was halftwee in de nacht. Door het schemerduister wankelde ik van de slaapkamer naar de badkamer. Op mijn blote voeten op de koude tegels stond ik voor de wc. Water klaterde in de bak. Ik keek naar opzij naar buiten in de nacht. De gebouwtjes in de tuinen waren gedompeld in een onaards koud, blauw licht. Het was stil. In de belendende panden was geen enkel licht aan. Aan de wolkeloze hemel stond een gigantische maan. Dreigend. In stilte glipte ik terug in bed. En droomde. In de vroege ochtend werd ik met een stuiptrekking wakker. Voor de wekker. Het was nog steeds donker. Maar niet meer zoals een paar uur daarvoor. Soms komt er iemand in je leven. Na de eerste woorden, de eerste blik, weet je dat deze persoon niet te vertrouwen is. Maar je wil dat dat anders is. Je vertelt deze persoon alles. Je stelt je open. Want je hoopt dat je gevoel niet klopt. Je hoopt dat alles nooit zo erg kan zijn, als je je voorstelt. En deze persoon zwijgt. Rustig voedend op je gedachten en gevoelens. In alle kalmte de offers verorberend als een wrede vergeten godheid. Pas met gespleten tong worden spaarzaam woorden gesproken. Altijd op momenten dat de tijd niets toelaat. Op valrepen en als de trein al wegrijdt. Maar jij hebt je geloften. Jij bent schatplichtig. Deze woekeraar doet niet aan advocaten. Maar jij wil enkel slapen. Als de nacht bijna ten einde is, kleed je je aan. In zwart. Alles nauwsluitend. Het laat geen ruimte. Kent geen reflectie. Want je weet ondanks het ontbreken van de zon hoe laat het is. Je rent. Geen mens op straat. Geen leven en geen geluid. Tot de eerste tram langs rommelt en je de afslag neemt het bos in. Waar de vogels nog slapen en de geesten van vroeger stierven voor de belangen van de nieuwe mens. Het pad knarst onder je voeten en de koude wind striemt je gezicht. Niets of niemand kan wat doen aan de cycli van de maan. De maan is een koude dode steen. Maar als de duivel wakker is, wordt het kwaad slapen. Er zit dan niets anders op. Slijp je mes en steek het bij. Blijf wakker en wees bereid. ‘Bolje rat nego pakt, bolje grob nego rob’ (Servisch gezegde)

  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post37

De Hel

ActualiteitenPosted by Von Solo Thu, January 03, 2019 11:48


Vorige week fietste ik over het fietspad langs de Gordelweg. In de verte zag ik een man in tegenovergestelde richting over het trottoir lopen met een aantal hondjes. Naarmate ik dichterbij kwam, kon ik zien dat het een lange man betrof. Kort stekeltjeshaar. Peper en zout kleurig. Een zwarte sportjas met grijze en blauwe accenten. Een donkere spijkerbroek. Eén van de hondjes was een foxterriër. De andere een onduidelijk bastaardje van schoothond formaat. De hondjes liepen in het gras naast het voetpad en dwongen de man ook in het gras te gaan lopen. De riempjes waren net te kort. En zo stond de man daar terwijl ik hem passeerde met mijn fiets. Het bastaardhondje bukte zich om zich te ontlasten. Ik zag het beeld compleet. En keek de man aan.

De harde ogen van de man flitsten even naar het hondje en toen weer naar de mijn. In zijn ogen las ik ongenoegen en boosheid. Het vormloze varkens lederen bankstel in de huiskamer. Een grote tv uit de koopjes kelder van de Correct met toch bedroevende beeldkwaliteit en al die kutprogramma’s. Een Opel Astra 1.9 diesel uit 1992. Een vrouw waar geen personal trainer meer wat aan kan verhelpen. Omdat het niet alleen aan de buitenkant eraan zit. Het ondergaan van de zon, terwijl het te bewolkt is om hem goed te kunnen zien. Altijd dezelfde racistische grapjes op het werk, waar die Turkse metselaar ook gewoon bij is. Hassan kan er zelf ook wel om lachen, toch? En nooit de postcode kanjer. Nooit.

Terwijl ik mijn blik afwendde zag ik hem in mijn ooghoek het hondje nog een schop geven. Hij riep me na: ‘Als je met je arrogante kop maar niet denkt dat ik die schijt ook nog voor je ga opruimen’. Ik keek niet om en wist dat hij het niet tegen mij had. Hij zag enkel een blanke middenklasser die tevreden op zijn fiets richting zijn gezin onderweg was voor het avondeten. Erasmus zei het al: ‘De meeste mensen zijn andere mensen’. Sartre zei het ook, maar maakte ervan: ‘De hel, dat zijn de anderen’.



  • Comments(0)//actueel.vonsolo.nl/#post36
Next »